Contact

foto van de voorgevel van het linkwood kantoorpand met de entree en parkeerplaats

Contactgegevens

Adres

Schiedamsedijk 25
3134 KK Vlaardingen

Plan je route
Openingstijden

Maandag – vrijdag
8.00 – 18.00 uur

Contact gegevens

E: info@linkwood.nl
T: 010 321 6605
KVK: 88558096
BTW: NL864687709B01

Neem contact op

Een vraag over een project, een engineeringvraagstuk of een eerste verkenning? Neem contact met ons op. Je vraag komt direct bij de juiste specialist terecht, zodat we inhoudelijk met je mee kunnen denken.

Deze site is beschermd door reCAPTCHA en het Privacybeleid en Servicevoorwaarden van Google zijn van toepassing.

Veelgestelde vragen

Antwoorden op veelgestelde vragen van ontwikkelaars, aannemers en architecten over grootschalige houtbouw.

Wat is CLT?

CLT staat voor Cross Laminated Timber, in het Nederlands ook wel kruislaaghout genoemd. Het bestaat uit meerdere lagen houten lamellen die kruislings op elkaar worden verlijmd. Doordat de vezelrichting per laag wordt gedraaid, ontstaat een sterk en vormvast massief houten paneel.

 

CLT wordt gebruikt voor dragende wanden, vloeren, daken en soms ook kernen. De panelen worden projectspecifiek ontworpen en in de fabriek nauwkeurig op maat gemaakt. Sparingen, deuropeningen en veel aansluitingen kunnen al tijdens de productie worden aangebracht. Op de bouwplaats worden de elementen vervolgens rechtstreeks vanaf de vrachtwagen gemonteerd.

 

Door het relatief lage eigen gewicht, de hoge mate van prefabricage en de snelle montage is CLT geschikt voor onder meer woningbouw, appartementen, kantoren, scholen en andere utiliteitsgebouwen. Het materiaal wordt vaak gecombineerd met gelamineerde houten liggers, staal en prefab beton.

Wat is het verschil tussen CLT, glulam en HSB?

CLT, glulam en houtskeletbouw zijn alle drie vormen van houtbouw, maar hebben ieder een andere functie.

 

CLT bestaat uit massieve, kruislings verlijmde houten panelen. Deze worden vooral toegepast als dragende wanden, vloeren en daken.

 

Glulam, ook wel gelamineerd hout of GLT genoemd, bestaat uit houten lamellen die in dezelfde vezelrichting op elkaar worden verlijmd. Hierdoor kunnen sterke kolommen en liggers met grote lengtes en overspanningen worden gemaakt.

 

Bij houtskeletbouw, vaak afgekort als HSB, bestaat een wand of dak uit een relatief licht houten raamwerk. De ruimte tussen de stijlen wordt doorgaans gevuld met isolatie en aan weerszijden voorzien van plaatmateriaal.

 

In veel projecten worden de systemen gecombineerd. Een gebouw kan bijvoorbeeld CLT-vloeren hebben, glulam kolommen en liggers en een HSB-gevel. De meest geschikte oplossing hangt af van de overspanningen, gebouwhoogte, architectuur, bouwfysische eisen en gewenste afwerking.

Wat kost bouwen met CLT?

De kosten van bouwen met CLT kunnen niet verantwoord worden uitgedrukt in één vaste prijs per vierkante of kubieke meter. De prijs wordt onder meer bepaald door de gebouwvorm, overspanningen, belastingen, brandwerendheid, zichtkwaliteit, verbindingen, hoeveelheid staal, engineering, transport en montage.

 

Ook de herhaling in het ontwerp is belangrijk. Een logisch stramien en repeterende elementen kunnen efficiënt worden geproduceerd en gemonteerd. Veel verschillende paneelafmetingen, ingewikkelde verbindingen, grote uitkragingen of laat gewijzigde sparingen maken een houtconstructie juist kostbaarder.

 

Voor een goede vergelijking moet niet alleen naar de materiaalprijs van het casco worden gekeken. CLT kan ook voordelen opleveren door een lager constructiegewicht, minder zware funderingen, een korte montagetijd, minder transportbewegingen en een sneller wind- en waterdicht gebouw.

 

Een betrouwbare prijs ontstaat daarom pas wanneer het constructieve ontwerp, de scope en de bouwplanning voldoende duidelijk zijn. Linkwood kan al in een vroege projectfase een ontwerp beoordelen en aangeven welke keuzes de grootste invloed hebben op de kosten.

Is bouwen met CLT duurder dan bouwen met beton?

Bouwen met CLT is niet per definitie duurder of goedkoper dan bouwen met beton. De uitkomst hangt sterk af van het ontwerp, de projectomvang, de gekozen bouwmethode en de manier waarop de totale bouwkosten worden vergeleken.

 

Wanneer uitsluitend de prijs van het constructiemateriaal wordt bekeken, kan CLT duurder uitvallen. Daartegenover staan mogelijke besparingen op funderingen, bouwplaatskosten, kraantijd, arbeid, transport en doorlooptijd. CLT-elementen worden namelijk grotendeels in de fabriek voorbereid en kunnen op de bouwplaats snel worden gemonteerd.

 

De businesscase wordt gunstiger wanneer vanaf het begin voor hout wordt ontworpen. Een betonnen ontwerp één-op-één vervangen door CLT leidt zelden tot de beste of goedkoopste oplossing. Een efficiënt houtbouwontwerp vraagt om passende overspanningen, een logisch stramien, repeterende details en vroege afstemming van constructie, installaties en brandveiligheid.

 

Daarom vergelijkt Linkwood niet alleen materiaalprijzen, maar het complete casco en de gevolgen voor planning, fundering, logistiek en uitvoering. Onderzoek laat eveneens zien dat de kostenverhouding sterk projectafhankelijk is.

Is bouwen met CLT brandveilig?

Ja, met CLT kan een brandveilig gebouw worden ontworpen. Hout is brandbaar, maar massief hout gedraagt zich tijdens brand anders dan dunne houten onderdelen. Aan het oppervlak ontstaat een verkoolde laag die het achterliggende hout tijdelijk beschermt en de verdere inbranding vertraagt.

 

De brandwerendheid van een CLT-constructie wordt vooraf berekend. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de paneeldikte, belasting, verbindingen, lijmverbindingen, eventuele beschermende bekleding en de vereiste brandwerendheidsduur. Afhankelijk van het ontwerp kan CLT zichtbaar blijven of worden voorzien van bijvoorbeeld brandwerende beplating.

 

Brandveiligheid gaat bovendien over meer dan alleen de draagconstructie. Ook compartimentering, vluchtwegen, gevels, doorvoeringen, installaties en brandwerende aansluitingen moeten integraal worden ontworpen.

 

Een CLT-gebouw is dus niet automatisch brandveilig, maar kan aantoonbaar aan de geldende eisen voldoen wanneer het brandveiligheidsconcept, de constructieve berekeningen en de detaillering goed op elkaar worden afgestemd. Eurocode 5 bevat hiervoor specifieke ontwerpregels voor houtconstructies bij brand.

Kan CLT tegen regen?

CLT kan tijdens transport en montage tijdelijk met regen in aanraking komen, maar moet niet langdurig of onbeheerst aan vocht worden blootgesteld. Vooral horizontale vlakken, kopshout, naden, sparingen en aansluitingen vragen extra aandacht, omdat water zich daar kan verzamelen of dieper in het hout kan trekken.

 

Een korte regenbui betekent niet automatisch dat een element beschadigd is. Belangrijker is hoe lang het hout nat blijft, of water kan worden afgevoerd en of de constructie vervolgens voldoende kan drogen. Langdurige vochtbelasting of het insluiten van nat hout kan leiden tot verkleuring, schimmelgroei of op termijn aantasting.

 

Daarom moeten bescherming, afschot, tijdelijke afdichtingen, waterafvoer en vochtmetingen vooraf worden opgenomen in de bouwmethodiek. Ook moeten beschadigde verpakkingen en beschermlagen direct worden hersteld.

 

Linkwood werkt bij projecten met een projectspecifieke aanpak voor vochtbeheersing, waarbij preventie, controle, registratie en duidelijke verantwoordelijkheden centraal staan.

Hoe voorkom je vochtproblemen tijdens de bouw?

Vochtproblemen worden vooral voorkomen door al tijdens het ontwerp na te denken over de bouwvolgorde en tijdelijke situatie. Alleen een afdekfolie op de bouwplaats is niet voldoende.

 

Een goede aanpak begint met robuuste detaillering. Horizontale vlakken moeten water kunnen afvoeren en kwetsbare delen, zoals kopshout, naden, sparingen en aansluitingen, moeten doelgericht worden beschermd. Leveringen worden bij voorkeur afgestemd op de montagesnelheid, zodat elementen niet onnodig lang op de bouwplaats worden opgeslagen.

 

Tijdens de montage zijn regelmatige inspecties noodzakelijk. Plasvorming en stilstaand water moeten direct worden verwijderd. Beschadigde tapes of beschermlagen worden hersteld en het vochtgehalte wordt op vooraf bepaalde locaties gemeten en geregistreerd. Voordat onderdelen worden afgesloten, moet worden vastgesteld dat het hout voldoende droog is.

 

Daarnaast moeten de verantwoordelijkheden van leverancier, montagepartij, hoofdaannemer en opvolgende onderaannemers duidelijk zijn vastgelegd. Vochtmanagement is geen losse maatregel, maar een doorlopend proces van ontwerp tot en met het wind- en waterdicht maken van het gebouw.

Hoe lang gaat een CLT-gebouw mee?

Een goed ontworpen, uitgevoerde en onderhouden CLT-constructie kan net als een gebouw van beton of staal gedurende de volledige beoogde levensduur van het gebouw functioneren. De levensduur wordt niet alleen bepaald door het materiaal, maar vooral door de detaillering en bescherming tegen langdurige vochtbelasting.

 

Hout blijft duurzaam wanneer het droog wordt gehouden en eventuele vochtbelasting weer kan afvoeren of uitdrogen. Kritische aandachtspunten zijn onder meer aansluitingen op de fundering, geveldetails, daken, terrassen, leidingdoorvoeren en plaatsen waar water kan blijven staan.

 

Ook onderhoud en toekomstige wijzigingen spelen een rol. Wanneer gevels, dakbedekking, installaties en waterkerende lagen goed worden onderhouden, hoeft de houten draagconstructie nauwelijks te worden aangetast.

 

Een vaste maximale levensduur voor CLT bestaat daarom niet. Houtconstructies kunnen zeer lang meegaan, mits ze correct zijn ontworpen en beschermd. Bij ieder project moeten de constructie, gebruiksklasse, bouwfysica en onderhoudsstrategie op elkaar worden afgestemd.

Hoe duurzaam is bouwen met CLT?

CLT kan een belangrijke bijdrage leveren aan het verlagen van de milieu-impact van gebouwen. Bomen nemen tijdens hun groei CO₂ op. Een deel van deze koolstof blijft gedurende de gebruiksduur opgeslagen in het hout dat in een gebouw wordt toegepast.

 

Daarnaast kan hout in bepaalde constructies materialen met een hoge productgerelateerde uitstoot, zoals beton of staal, gedeeltelijk vervangen. Door het lage eigen gewicht zijn soms ook lichtere funderingen en minder transportbewegingen mogelijk.

 

Dat betekent niet dat ieder houten gebouw automatisch duurzaam is. Ook de herkomst van het hout, het bosbeheer, materiaalgebruik, transport, lijmen, verbindingen, losmaakbaarheid en het scenario aan het einde van de levensduur moeten worden meegewogen. Een efficiënt ontwerp en aantoonbaar verantwoord geproduceerd hout zijn daarom essentieel.

 

De duurzaamheid moet uiteindelijk op gebouwniveau worden beoordeeld, bijvoorbeeld met een levenscyclusanalyse of milieuprestatieberekening. Onderzoek laat zien dat CLT in veel situaties een gunstige milieuprestatie kan hebben, maar de precieze uitkomst blijft afhankelijk van het ontwerp en de gehanteerde rekenmethode.

Hoeveel CO₂ slaat een houten gebouw op?

De hoeveelheid opgeslagen CO₂ verschilt per project. Deze is vooral afhankelijk van het volume en de houtsoort van de toegepaste houtproducten. Ook de productopbouw, het vochtgehalte en de gehanteerde berekeningsmethode hebben invloed.

 

De opslag wordt berekend vanuit de hoeveelheid koolstof die in het droge hout aanwezig is. Deze koolstof is tijdens de groei van de bomen als CO₂ uit de atmosfeer opgenomen. Zolang het hout in het gebouw aanwezig blijft en niet verbrandt of biologisch wordt afgebroken, blijft deze koolstof in het materiaal opgeslagen.

 

Een betrouwbare berekening begint daarom met een nauwkeurige materialenstaat. Daarin worden onder meer CLT, glulam en andere relevante biobased producten opgenomen. Vervolgens kan het houtvolume worden omgerekend naar tonnen opgeslagen CO₂-equivalent.

 

Het is belangrijk onderscheid te maken tussen opgeslagen biogene CO₂ en vermeden uitstoot door het vervangen van andere materialen. Dit zijn twee verschillende milieueffecten en mogen niet zonder onderbouwing bij elkaar worden opgeteld.

Stuur ons een bericht
Deze site is beschermd door reCAPTCHA en het Privacybeleid en Servicevoorwaarden van Google zijn van toepassing.